Woord vooraf bij de rasstandaard

Raszuivere honden werden en worden als de aristocratie onder de honden gezien.  Burgers hadden vroeger ordinaire bastaarden. In adellijke kring werd de rashondenfokkerij bedreven. Een rashond moest daarom ‘adel’ hebben om de tegenstelling tussen de nobele, raszuivere hond en de armetierige bastaard te benadrukken.

De rasstandaard beschrijft het ideaalbeeld van een rashond. Fokkers probeerden dat ideaal snel te bereiken met incestparingen. Het gevolg was dat de genenvariatie werd verwoest. Rashonden hebben in de loop der tijd veel schade opgelopen. Klein kan altijd kleiner en kort kan altijd nog korter in de rashondenfokkerij.  Veel rassen werden ziek door de drang naar geld, status en aanzien van hun baasjes.

De AVLS is niet per se tegen het showen van honden op tentoonstellingen, maar vindt een gezonde, vitale hond veel waardevoller dan een ‘perfecte’ showhond. Onze leden hechten ook niet zo aan kampioenschapsprijzen met al die bekers en lintjes en daarmee zijn we een beetje een vreemde eend in de hondenwereld.

Tot slot bedanken we Rob van Wijk, Gerard de Moor, Marian van der Veen, Jan Dirkzwager, Erik Godijn, Michelle Schneider, Marianne Eggink, Ineke Pompen, Johan Berends, Ingeborg Peper, Grit Fischer, Carmen Tischler, Esther van Rijnstra, Didier Prongué, Stephan Gourdon en Thomas Bakke voor het beschikbaar stellen van foto’s van hun Saarlooswolfhonden. De foto’s zijn een goede illustratie bij de rasstandaard. In 2015 verving de FCI de verouderde tekst uit 1993 door de bijgaande tekst.